02 maart 2021

Blog Anja Verwoerdt: gezocht 'boundary crosser'

Interprofessioneel samenwerken gaat over hoe professionals uit verschillende domeinen (zoals onderwijs en jeugdhulp) elkaar vinden in een gemeenschappelijk doel en hun unieke expertise inzetten om dit samen te bereiken.

 

Ze stemmen hierbij zo goed mogelijk af en verbeteren hiermee het aanbod voor jeugdigen. Kinderen en jongeren profiteren hiervan en dit vergroot dit hun ontwikkelkansen. So far so good. 

Toch is elkaar vinden en samen optrekken - ook met het besef van het ‘hogere’ doel - niet zo eenvoudig als het lijkt. Het vraagt om ‘boundary crossing’ (Engeström, Engeström & Kärkkäinen, 1995): de grenzen van je eigen domein oversteken. Maar niet zomaar.

Stel je de volgende situatie voor: een getalenteerde leraar, met passie voor haar vak, geeft alles voor haar leerlingen. Op een dag zit er een jeugdhulpverlener achter in de klas met wie ze samen moet werken omdat er zorgen zijn over een van haar leerlingen. Deze geeft na afloop suggesties over haar interactie met deze leerling tijdens de les.

Of deze situatie: een jeugdhulpverlener in hart en nieren heeft zich jarenlang gespecialiseerd om kinderen die in hun ontwikkeling bedreigd worden zo goed mogelijk te kunnen helpen. Na een gesprek met de leerling uit bovengenoemd voorbeeld vraagt de zorgcoördinator of de jeugdhulpverlener ook aandacht wil besteden aan de faalangst van deze leerling.

Twee situaties die veroorzaken dat professionals geneigd zijn de gelederen te sluiten. En dit terwijl van ze verwacht wordt om zich samen in te zetten voor de leerling die ze gemeen hebben.

Boundary crossing vraagt lef, durf en nieuwsgierigheid maar ook behoedzaamheid. Er is tijd en ruimte nodig om elkaar te leren kennen en vertrouwen. Hierop volgt een leerproces van identificatie, coördinatie, reflectie en transformatie (Akkerman en Bakker, 2011). In eerste instantie wordt in de samenwerking duidelijk hoe professionals zich van elkaar onderscheiden en elkaar kunnen aanvullen (identificatie). Wanneer blijkt dat ze van elkaars expertise kunnen profiteren zoeken ze manieren om elkaar te kunnen vinden om af te stemmen (coördinatie). Na verloop van tijd ontstaat er een proces waarbij professionals wat ze doen, terugzien in de ogen van de ander. Dit biedt een kans om met andere ogen naar hun eigen professionele handelen te kijken (reflectie). Tot slot versterken ze elkaar in een eenduidige aanpak en sluiten hiermee samen aan bij de ontwikkeling van de jeugdige (transformatie).

Interprofessioneel samenwerken vraagt om boundary crossing en is vergelijkbaar met een avontuur waarbij professionals zelf invloed hebben op het verloop. Maar hoe gaat het eigenlijk in de praktijk? Hoe hebben onderwijs- en jeugdhulpprofessionals de grenzen tussen hun domeinen verkleind? Wat zijn hierbij succesfactoren en wat werkt écht ? Wat zijn belemmeringen, hoe herkennen en voorkomen ze deze ? Wat kunnen professionals bestuurders uit onderwijs en jeugdhulp meegeven om te zorgen voor soepele grensovergangen ?

Laat weten als je een ervaren ‘boundary crosser’ bent en mee wil denken over dit soort vragen.

anjaverwoerdt@gmail.com. .

Anja Verwoerdt, Onderwijs-en jeugdhulpprofessional, Auteur van het boek: Onderwijs en jeugdhulp, Kleur bekennen in samenwerken ACCO uitgeverij

Literatuur:

Akkerman, S.F. & Bakker, A. (2011). Boundary crossing and boundary objects. Review of educational research, 81, 132-169.

Engeström, Y., Engeström, R. & Kärkkäinen, M. (1995). Polycontextually and Boundary Crossing in Expert Cognition: Learning and problem solving in complex work activities. Learning and instruction, 5, 319-336.


Delen